|
Reggae Artiesten
DEF
GHI
JKL
MNO
PQR
STU
VWX
YZ
ABC
Abyssinians
Doctor Alimantado
Beef
Anthony B
Alpha Blondy
Dennis Brown
Capleton
Inner Circle
Jimmy Cliff
Culture
The Abyssinians
Abyssinians The
Opgericht in 1968, de periode dat reggae nog in de kinderschoenen stond, hebben de oudjes van The Abyssinnians het reggaepad geplaveid.
The Abyssinians zijn één van de zeldzame bands die de spirituele essentie van rootsreggae hebben weten te vatten.
Met hemelse harmonieën, donkere melodieën en Rastafari thema’s, gebracht met een diep spirituele overtuiging, zijn ze onmiskenbaar invloedrijk geweest in het definiëren en herdefiniëren van de in Jamaica ontstane muziekstroming.
Met vertraagde beats en in mineur gestemde zanglijnen ging het trio eigenwijs tegen de gangbare stroom in van snelle ritmes met vrolijke melodieën die het piepjonge genre hoofdzakelijk kenmerkte.
Desondanks sloeg het debuutalbum ‘Santa Massagana’ in als een bom.
Het in de voor Rastafari heilige Ethiopische taal Amharic gezongen titelnummer ‘Santa Massa Gana’ geldt als één van de meest invloedrijke rastanummers ooit en leidde meteen tot een labeloorlog tussen Studio One en Clinch, die beide vele versies van het nummer uitbrachten. Een andere grote hit is het veelvuldig gecoverde ‘Declaration of Rights’.
Bron: podiuminfo
Doctor Alimantado
Alimantado Doctor
Doctor Alimantado, geboren als Winston Thompson in Kingston Jamaica, maakte naam als soundsystem DJ,
Roots Reggae vocalist en later als producer. Samen met Lee Perry mag hij één van de meest originele en best verkopende reggae-platen ooit op zijn naam schrijven: ‘The Best Dressed Chicken in Town’ uit 1974. Met behulp van Horance Andy’s ‘There’s no Sunshine’ produceerden Alimantado en Perry in de Black Ark Studio een nooit eerder gehoorde gekte aan geluiden en echo’s.
Met singles als ‘Poison Floor’ en ‘Born for a Purpose’ vestigde Dr. Alimantado zijn naam wereldwijd. Hij richtte zijn eigen onafhankelijke labels op (Ital Sounds, Vital Food, Keyman), bracht compilaties uit als ‘ Reggae Revieuw’ en ‘Wonderful Time’ en opende een CD-winkel in Holland, vlakbij de Belgische grens.
In juli 2007 brengt Alimantado ‘House of Singles’ uit, een verzameling onuitgebracht werk sinds het begin van zijn carrière in de jaren ’60. Een must-have voor elke Reggaelover!
Beef
Beef is een Nederlandse band, opgericht door Pieter Both (zang), Hans Deijnen (drums) en Koen Lommerse (bas). Hiernaast behoren steeds wisselende muzikanten tot de groep.
Begin 1999 werd Beef opgericht. Eerst kregen ze een eigen radioshow The Chop Shop op de korte golf, welke in 2000 een vervolg krijgt in live-optredens. De groep werd hiertoe uitgebreid met de gitaristen Twan van Gerven en Bram Wouters en met Bas van den Biggelaar op keyboards. Hun muziek werd een mix van verschillende Jamiacaanse stijlen, zoals ska, reggae, rocksteady en ragga met daarbij veel rockinvloeden. In datzelfde jaar traden ze op op Lowlands en werd hun album Flexodus uitgebracht. Ze traden op in kleine clubs tot grote festivals zoals Noorderslag in Groningen en bouwden daarbij een grote live-reputatie en vaste fanschare op.
In het najaar van 2001 kwam hun volgende album, kortweg Beef genaamd, uit, dat in Londen werd opgenomen met producer Bitty McLean (bekend van onder andere UB 40 en Sly & Robbie). Op dit album is een gastoptreden van de beroemde blazers van de Jamaicaanse groep The Matic Horns. Als single werd Late night sessions uitgebracht. Vanaf dit album beperkt de band zich tot de jamaicaanse stijlen en komen de rockinvloeden meer naar de achtergrond.
Beef ontving op 23 februari 2003 een Zilveren Harp.
In november 2003 tourde Beef door Zuid-Afrika, met als hoogtepunt een optreden op het Oppikoppi-festival.
In de zomer van 2004 werd het nieuwe album Last Rudy Standing opgenomen met behulp van producer Michel Schoots, bekend als drummer bij Urban Dance Squad. Het album werd eind februari 2005 uitgebracht.
Beef tourde in 2005 nog een keer door Burkina Faso, West-Afrika.
Anthony B
B Anthony
Wie Anthony B afgelopen zomer op Reggae Sundance of in Paradiso aan het werk heeft gezien, of tijdens eerdere concerten, weet dat de consciousness-zanger goed is voor een spetterende reggaeshow.
Dynamisch en met volle overtuiging knalt hij zijn strakke songs de zaal in, waarbij de energieke vibe steevast overslaat op het publiek.
En niet alleen op het podium is de Jamaicaan alom aanwezig. Ook in de studio staat Anthony B zijn mannetje. Hij is dan ook een van de meest productieve artiesten van deze tijd.
Ter illustratie: gemiddeld brengt Anthony B twee platen per jaar uit, terwijl in 2003 en 2004 opgeteld maar liefst acht albums van zijn hand het levenslicht zagen.
Respect
Anthony B, geboren als Keith Anthony Blair, verwierf faam met hits als ‘Fire Pon Rome’, ‘Raid Di Barn’, ‘Rumour’ en ‘Repentance Time’, nummers die hij opnam met producer Richard ‘Bello’ Bell. Behalve de energieke vibe zijn het de pakkende teksten van de bobo dread die respect afdwingen, al ben je nog zo a-religieus. Tot zijn belangrijkste invloeden rekent hij Peter Tosh, Bob Marley en Bunny Wailer. Sinds november tourt Anthony B door Europa. Eerder dit jaar trad hij veelvuldig op in de Verenigde Staten. De man is dan ook een van Jamaica’s belangrijkste muzikale exportproducten.
naar boven
Alpha Blondy
Blondy Alpha
Alpha Blondy, echte naam Seydou Koné (Dimbokoro, 1 januari 1953) is een Ivoriaanse reggaezanger. Hij is zeer bekend in West-Afrika, Europa en de Verenigde Staten.
Hij werd grootgebracht door zijn oma, die hem leerde uit de Koran. Hij leerde de Franse taal door uit de Bijbel te lezen. Zijn oma gaf hem de bijnaam 'blondy', dat zoveel betekent als 'bandiet'. Zelf voegde hij daar het woord 'alpha' aan toe, dat 'begin' betekent. Zijn naam houdt dus kortweg 'eerste bandiet' in. Dit gebeurde allemaal nadat hij zijn eerste band had gevormd, de Athomic Vibrations, waardoor hij van school werd gestuurd.
Hij studeerde Engels aan het Hunter College in New York, en later volgde hij het programma "Amerikaanse taal" aan de Universiteit van Columbia. Deze studie maakte hij echter niet af. Zijn familie zorgde ervoor dat hij voor een periode van een jaar in een inrichting terechtkwam, als gevolg van de invloed die het rastageloof op hem had.
Alpha Blondy die, voordat hij reggae maakte, hield van bands als The Beatles en Pink Floyd, werd volledig geïnspireerd door de songs van Bob Marley. In zijn studietijd zong hij in clubs in Harlem al vele Marley-songs. In zijn eigen muziek hoor je de invloed van Marley ook goed. Toch klinkt zijn muziek heel divers, onder meer vanwege de verscheidenheid aan nationaliteiten van de leden van zijn begeleidingsband, de Solar System. Alpha Blondy heeft twee Marley-songs in het Frans gecoverd: "Mystere Naturelle" (Natural Mystic) en "La Guerre" (War). In tegenstelling tot Bob Marley heeft Alpha minder op met het gebruik van cannabis, zo zei hij eens dat goede reggaemuziek niet te veel moet gaan over ganja.
Alpha Blondy, die zichzelf beschouwt als een Afrikaanse rasta, werd ooit opgemerkt door producer Clive Hunt. Met hem nam hij zijn eerste album op, getiteld Jah Glory. Deze ging er echter met zijn tapes vandoor, waardoor Alpha weer terugkeerde naar zijn vaderland. Aldaar ontmoette hij een tv-producent, Fulgence Kassy, zodat hij de kans kreeg op televisie te verschijnen. Gedurende de rest van de jaren tachtig bracht hij bijna elk jaar een nieuw album uit, met grote successen zoals Jerusalem in 1986, dat hij opnam met de Wailers. In die tijd werd hij al beschouwd als de ware opvolger van Bob Marley als internationale reggae-superster en werd wel de 'erfgenaam van Marleys troon' genoemd. Vanaf de negentiger jaren verscheen er elke twee jaar een album, wat grote populariteit opleverde, getuige zijn prijzen voor het album Masada (dat in meer dan 50 landen verscheen) en zijn Grammy-nominatie voor Merci in 2002. In 1998 nam hij zijn album Yitzhak Rabin op met de I-Threes, de achtergrondzangeressen van Bob Marley.
Alpha Blondy zingt meestal in het Dioula (een West-Afrikaans dialect), Frans en Engels, soms ook in het Arabisch of Hebreeuws. Zijn teksten hebben dikwijls een politieke achtergrond en humor. Hij vond het woord "democrature" uit (vrij vertaald als "democratorschap") om Afrikaanse regeringen te kenmerken.
Zijn eerste hit was Brigadier Sabary, beter bekend door de cover Operation Coup de Poing van Twee Belgen.
Andere kenmerkende songs zijn:
Apartheid is Nazism
Brigadier Sabary - satirische tekst over politiegeweld, waardoor hij bij een demonstratie bijna om het leven kwam
Guerre Civile - over burgeroorlog
Jerusalem - over Israël, bevat Hebreeuwse tekst
Journalistes en danger - over de moord op Norbert Zongo
Politiqui - over de afwisseling burgerregering/militaire regering
Yitzhak Rabin
Masada - over zingeving op basis van een bloedige episode uit de geschiedenis bij het fort Masada
Sweet Fanta Diallo - over een treurige liefdesaffaire uit de periode als psychiatrisch patiënt
Sebe Allah Ye
naar boven
Dennis Brown
Brown Dennis
Dennis Brown stond bekend als de ‘kroonprins van Reggae’, want hij heeft meer reggae classics geproduceerd dan wie dan ook. Hij werd geboren op 1 februari 1957 in Jamaica. Op zijn negende was hij een kindster van Label Studio One. Zijn eerste hit was ‘No Man Is an Island’ (1969) gevolgd door ‘If I follow my Heart’.
In de jaren zeventig werkte hij freelance voor verschillende studio’s. Daarna bracht hij zijn derde collectie ‘Super Reggae and Soul Hits’uit. Bij het Winston ‘Nineny’ Holness label nam hij twee albums ‘Just Dennis’en ‘Wolf & Leopards’ op. In de jaren tachtig verbleef hij in Engeland om aan zijn carrière te werken.
In 1989 ging hij werken met Gussie Clarke’s Music Works Studio en nam een duet op met Gregory Isaacs. In 1995 nam hij ‘Three Against War’op met Beenie Man en Triston Palma. Door overmatig drugsgebruik stierf hij op 42-jarige leeftijd.
naar boven
Capleton
Capleton is Afrikaans, maar zijn volledige naam ‘Clifton George Bailey’ is deels Engels, Grieks en Iers.
Hij hield als kind zoveel van praten dat hij volgens zijn vrienden advocaat Capleton, een advocaat uit St. Mary moest worden.
Zo is hij dus aan zijn naam Capleton gekomen. In 1989 besloot hij een muziekcarrière te beginnen, hij werd beïnvloed door
Bob Marley , Bunny Wailer en Peter Tosh.
Voor Capleton kwam zijn doorbrak snel, hij kwam in contact met Father Star en mocht meetoeren in Canada.
De respons op zijn muziek was groot en hij keerde terug naar Jamaica en nam samen met Xterminator de dancehall hit "Bumbo Red" op.
Dankzij zijn dochter is Capleton veranderd, zijn teksten waren vroeger neerbuigend over vrouwen en vol geweld.
Hij is nu een Rastafari en praat nu over het leven, geschiedenis en de toekomst.
naar boven
Inner Circle
Circle Inner
De meesten kennen Inner Circle van de hits Bad Boys en Sweat( A la la la la Long).
Niet veel mensen weten dat de groep al langer dan 25 jaar bezig zijn.
In 1978 krijgen ze hun breakthrough als Chris Blackwell ze ziet op het Reggae Peace Concert en ze een record deal bij Island Records bezorgt.
In hetzelfde jaar scoort de groep een UK Top 20 hit en een Top 10 Franse hit met het album Everything Is Great.
In de jaren ’80 wordt Inner Circle één van de eerste Jamaicaanse bands die door de VS tourt. Maar het succes stopt als zanger Jacob Miller omkomt bij een auto-ongeluk.
De groep stopt 6 jaar tot leadzanger Carlton en drummer Lancelot Hall in 1985 erbij komen. In de jaren ’90 scoort Inner Circle wereldwijd hits met Sweat en Bad Boys.
Het eerstgenoemde nummer blijft maar liefst 3 maanden lang op 1 in Duitsland. Het album Bad Boys wint in 1993 een Grammy Award voor Beste Reggae Album.
Het vervolgalbum Reggae Dancer (1994) krijgt opnieuw een Grammy nominatie. Bad Boys wordt weer een hit als soundtrack voor de gelijknamige film met Will Smith en Martin Lawrence.
Maar Carlton wordt ziek en de groep is weer noodgedwongen om te stoppen.
Kris Bentley van de groep Skool komt in Carltons plaats als hij aangeeft na zijn herstel een solocarriere te willen. Sinds 1997 is Inner Circle aan het touren door de hele wereld. Als een land op de wereldkaart
naar boven
Jimmy Cliff
Cliff Jimmy
Jimmy Cliff werd op 1 april 1948 in het Jamaicaanse Saint Catherine geboren als James Chambers.
Op 14-jarige leeftijd verhuist hij naar de hoofdstad Kingston om een muzikale carrière op te bouwen.
Daar neemt hij zijn artiestennaam "Jimmy Cliff" aan.
Hij brengt twee singles uit die weliswaar niet succesvol zijn, maar hem wel in contact brengen met zijn ontdekker: Derrick Morgan.
Hij brengt hem in contact met Leslie Kong. Hij produceert Cliffs single Dearest Beverley.
Het nummer wordt een succes op Jamaica en Kong besluit na dit succes een eigen platenlabel op te richten: Beverley's.
De samenwerking klikt goed en Kong blijft de platen van Jimmy Cliff produceren tot zijn dood in 1971.
Andere nummers die Jimmy Cliff in deze periode opneemt, zijn onder andere Hurricane Hattie en Miss Jamaica.
Buiten Jamaica blijven deze nummers onbekend.
In 1964 wordt Jimmy Cliff samen met Byron Lee & the Dragonaires uitgenodigd mede zijn land te vertegenwoordigen op de Wereldtentoonstelling in New York.
De wereldwijde interesse in ska, waarop de organisatoren gehoopt hadden, bleef uit, maar de film This Is Ska die werd opgenomen, kwam onder de aandacht van het hoofd van Island Records, Chris Blackwell. Hij nodigde Cliff uit om zich in Engeland te vestigen en bood hem een platencontract aan.
In 1966 verhuisde hij naar Londen. Zijn eerste grote succes buiten Jamaica kwam echter pas in 1968 toen hij met het nummer Waterfall een songfestival in Brazilië won.
Een jaar later volgt zijn wereldwijde doorbraak met Wonderful world, beautiful people.
Hij is daarmee naast Desmond Dekker één van de eerste artiesten die de wereld kennis laten maken met reggae.
In veel landen levert dit nummer zijn eerste hit op, ook in de Verenigde Staten.
De opvolger Vietnam doet het daar vanwege het politieke karakter ervan, een stuk slechter.
Het nummer wordt wel geprezen door Bob Dylan, die het het beste protestlied dat hij ooit gehoord heeft, noemt.
In Nederland wordt Sufferin' in the land ook nog een klein hitje.
De Cat Stevens-cover Wild world betekent in 1970 voor Jimmy Cliff voorlopig zijn laatste grote internationale hit. In die zelfde tijd scoort Desmonds Dekker een grote hit met You can get it if you really want, dat oorspronkelijk van Jimmy Cliff is. Hoewel Cliff na deze nummers nog wel populair blijft in Nederland en Vlaanderen, heeft hij in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk tot 1994 geen hits meer. Hij verwierf nog wel bekendheid als hoofdrolspeler in de Jamaicaanse film The Harder They Come uit 1972. Het duurde tot 1975 voordat deze film bekend werd bij groter publiek. De soundtrack van de film was voor het grootste deel gevuld met nummers die door Jimmy Cliff werden gezongen. Ondanks het succes van de film, heeft hij geen vast carrière als acteur kunnen opbouwen.
Na nog een paar albums te hebben uitgebracht, maakte Jimmy Cliff, die inmiddels tot de Islam bekeerd was, midden jaren 70 een reis naar Afrika, op zoek naar zijn wortels. Na zijn terugkomst pakte hij de draad weer op. Begin jaren 80 vormde hij de groep Oneness die hem begeleidde bij concerten. In deze periode heeft Cliff een comeback in Nederland en Vlaanderen. In 1983 bereikte zijn Treat the youths right de hitparade. Het nummers was al erg populair in de Caraïben en wist dat dankzij een videoclip in Nederland ook te worden. Na dat nummer volgden nog Reggae night, Sunshine in the music en We all are one, afkomstig van de albums Special en The power and the glory. Hij werkte veel samen met oud-Wailer Peter Tosh en Kool & the Gang. Verder verzorgde hij in 1984 een optreden op Pinkpop en kreeg hij in 1986 een Grammy Award voor beste reggaealbum voor de lp Cliff Hanger. Datzelfde jaar speelde hij naast Robin Williams en Peter O'Toole in de komische film Club Paradise. Van deze film zong hij ook het titellied.
In de jaren 90 scoorde hij nog twee keer een hit met een lied uit een film. In Amerika en Engeland stond hij in 1993 na 23 jaar weer in de hitparade met de Johnny Nash-cover I can see clearly now. Dit nummer was afkomstig uit Cool Runnings, de film over het Jamaicaanse bobteam dat in 1988 aan de Olympische Winterspelen meedeed. In 1995 zong hij samen met Zuid-Afrikaanse muzikant Lebo M het nummer Hakuna Matata uit de Disneyfilm The Lion King. Dat nummer bereikte de elfde plaats in de Nederlandse Top 40 en de 46e in de Ultratop 50.
Hoewel Jimmy Cliff uit de schijnwerpers is verdwenen, maakt hij nog steeds muziek. Op zijn laatste album Black magic uit 2004 zingt hij onder andere duetten met Sting, Annie Lennox en Wyclef Jean. Op het album staan vooral nummers van zijn vorige album Fantastic plastic people uit 2002, maar dan in een elektronisch jasje, in plaats van reggae. Op dit album staat ook een duet met de in 2002 overleden Clash-zanger Joe Strummer, van wie dit één van zijn laatste opnames was.
Bron: wikipedia.org
Culture
Het waren de militante houding en de apocalyptische teksten waarmee Culture in 1977 ook op sympathie in punkkringen kon rekenen. Het vocale trio met Joseph Hill als
charismatisch middelpunt is en blijft echter onlosmakelijk verbonden met de roots-reggae.
Door de jaren en wisselende bezettingen heen hebben de wortels zich vertakt naar een veel bredere grondslag. Met Joseph Hill nog altijd als stalend en strijdend middelpunt voor
‘World Peace’ (2003), blijft Culture een gezelschap dat vele gezindten weet aan te spreken. Als een warm bad waar de hedendaagse mens in politiek onrustige tijden zich in
onderdompelt om herboren weer boven te komen.
Joseph Hill 1949-2006
Joseph Hill overleed in 2006. De zanger werd plotseling ziek en overleed op 57-jarige leeftijd in Berlijn. Culture zat midden in een Europese toer.
Geboren op Jamaica in 1949 begon Hill zijn muzikale carrière als percussionist. Door het succes van Bob Marley richtte hij in 1976 Culture op. De Jamaicaan leidde de band ruim
dertig jaar jaar en was medebepalend voor het geluid van Rastafarian roots reggae. Grote hits zijn 'Two Sevens Clash', 'Natty Never Get Weary' en 'I'm Not Ashamed'.
naar boven

Reggae Culture© 2006-2009
|